Morris de Vilder – Het ambitieuze talent van Jong Heren Oranjehockey

Morris, je bent een rashockeyer en al jaren verbonden aan Pinoke, vertel eens hoe jouw hockey carrière is gestart?

Ik begon eerst met voetbal, speelde bij AFC maar was veel te jong. Ik was vier en was op het veld met alles bezig behalve voetbal… Mijn ouders besloten een andere sport te zoeken en vroegen een beetje rond aan andere ouders van kinderen uit mijn kleuterklas. Hier kwam toen hockey uit. Een paar klasgenootjes waren net bij Pinoké begonnen dus ik pakte een (Shell) stickje van de club en mocht een keer mee doen. Ik vond het uiteindelijk zo leuk dat ik ben blijven hockeyen.

Je speelde in de topteams van Pinoke en werd al snel geselecteerd voor Nederlands B en later A, wat doet dat met je op zo’n jonge leeftijd?

Het geeft je een kick. Allereerst het feit dat je voor je eigen land mag uitkomen is super mooi. Daarnaast mag je je bij de top van jouw leeftijdsgenoten voegen. Je krijgt nieuwe vrienden over het hele land en leert überhaupt veel nieuwe mensen kennen. Het maakt je professioneler en daar leer je veel van. Het is veel tijd investeren, maar je verdient het dik en dubbel terug in positieve zien.

Vorig jaar mocht je mee naar India, dat was al een hele ervaring, al eindigden jullie na een snelle start op de 7e plek, wat was voor jou een bijzonder moment?

Het mooiste moment was het moment dat ik te horen kreeg dat ik mee mocht naar het WK. Het was een intensieve voorbereiding en dat was de kers op de taart. India zelf was een krankzinnige ervaring. Het evenement was waanzinnig maar vooral alles buiten het hockey was bijzonder. Tijdens de eerste busreis van airport naar hotel zag je zoveel dingen die je nog nooit had gezien. Van de verkeersdrukte tot aan dieren op staat en de huizen waar sommige mensen daar in leven. Een bijzonder hockey moment was dat ik tegen bijvoorbeeld Australië speelde. Voorheen speelde ik nog alleen tegen Europese landen. Ook was het bijzonder dat ik tegen vrienden speelde die ik lang niet had gezien. Er speelde vrienden van mij in het Australische elftal en Spaanse elftal. Deze heb ik leren kennen door een jaar in het buitenland gewoond te hebben (half jaar Santander en een half jaar Melbourne). Het was leuk om hen weer eens te zien.

Nu zit je alweer in de selectie jong Oranje en maken jullie je op voor het EK in Valencia, met hele andere trainers, naast Cox. Wat denk je van Alejandro Verga, maar ook van Kim Lammers te kunnen leren?

Ze zijn alledrie nieuw voor mij. Ik wist uiteraard wel wie ze waren maar had nog nooit met hen samen gewerkt. Alexander Cox is in mijn ogen een gedreven, harde trainer. Hij heeft naar mijn mening oog voor detail en geeft trainingen die écht nuttig zijn voor persoonlijke groei dat weer toegevoegde waarde heeft aan het team en einddoel. Hij leert mij consequent te zijn en te blijven. Alex Verga is een en al passie en strijd. Heerlijk! Hard maar slim. Daagt je uit en leert mij meer van mezelf te vragen. Kim heb ik nog niet ontmoet. Alleen mail contact gehad. Ze is natuurlijk ontzettend ervaren. Heeft veel gereisd, veel meegemaakt in het hockey. Ik hoop vooral mentaal van haar te kunnen leren.

Je bent nog best jong maar je carrière wordt stormachtig genoemd. Bij Pinoke Heren 1 ben je onmisbaar en toch kom je best evenwichtig en in balans over. Hoe ga je met alle ‘druk’ van buitenaf om en word je hierin ondersteund door je trainers bijvoorbeeld?

Ik voel eerlijk gezegd geen druk van buitenaf. Ik ben zelf de enige die druk op mij uitoefent. Ik ben perfectionistisch als het gaat om hockey. En vooral als het gaat om mezelf. Dat is de grootste druk die ik heb. Ik praat over de “druk” met mensen die mij dierbaar zijn en het beste met me voor hebben. Zo kan ik het beste alles relativeren.

Studeer je nog naast je sport en zo ja, wat en kun je het goed combineren?

Ja, ik studeer Engineering; Technische Bedrijfskunde aan de HvA. Combineren is zeer zeker lastig. Je mist hele dagen en belangrijke contacturen. Ik heb een kleine vertraging op gelopen ivm. het WK maar dat is nu een kwestie van goed plannen. Dat wordt wel weer recht getrokken.

Wat is jouw ultieme hockeydroom voor de toekomst?

Mijn hockeydroom is al ruim 15 jaar lang hetzelfde. De Olympische Spelen, en goud winnen natuurlijk. Dat is mijn “main goal”. Daarnaast wil ik met Pinoké stappen zetten. Ik wil play-off kandidaat worden en mee strijden om Landstitel.

Wat zijn jouw tips voor jonge hockeyers die ook zo hoog willen komen?

Pak wat je pakken kan. In brede zin. Soms heeft het halen van de top niet eens te maken met hockey. Tijd en energie investeren om dat te bereiken wat jij wil is het belangrijkst. Daarnaast natuurlijk vaak naar de club gaan met vrienden en hockeyen, hockeyen en hockeyen.